Mensen

Meditaties over de Relativiteit van Ethiek

door Albert Prins

Sterfelijkheid van de Mens.


Kernzin:
Sterfelijkheid is evolutionair voordelig voor de soort, omdat het doorgeven van genen belangrijker is dan het voortbestaan van het individu.

Start:

Hier stellen we de vraag waarom is de mens sterfelijk en hoe werkt dat?

Een belangrijk aspect bij de veroudering van mensen is de veroudering en teloorgang van cellen. Gedurende het leven van de mens worden de cellen, zowel die in het lichaam als aan de oppervlakte daarvan, beschadigd door allerlei oorzaken. Het lichaam maakt dan zelf weer nieuwe cellen aan, die dezelfde functie moeten uitoefenen als die de beschadigde cellen hadden. De functionaliteit van de nieuwe cel wordt als het ware gekopieerd van de beschadigde cel. Bij ieder kopie van een cel bestaat er kans op fouten van die functionaliteit en na vele kopieën is de cel niet goed functioneel meer. Dit geldt dus voor het hele lichaam en daarmee raakt het lichaam “versleten” en sterft.

Meer informatie over het verouderingsproces is gegeven in (Appendix 4.2 Verouderingsproces bij Mensen).

Toch zou het lichaam potentieel de mogelijkheid hebben om onsterfelijk te zijn of in ieder geval veel langer in stand te blijven. Namelijk als we de situatie beschouwen van een vrouw die geboorte geeft aan een baby, dan zien we dat deze baby in potentie weer een lang leven kan leiden, ondanks dat de moeder misschien al meer dan veertig jaar oud is en waarvan de lichaamscellen dus al langere tijd onderhevig zijn aan veroudering. Waarschijnlijk gebeurt dit door middel van de stamcellen van de vrouw die nog “onbeschadigd” zijn en zich weer vermenigvuldigen tot een nieuw wezentje. Maar in principe zou het lichaam dit systeem ook kunnen aanwenden om de eigen cellen te vernieuwen zonder dus een accumulatie van fouten en zo een zeer lang leven hebben.

Waarom heeft de evolutie van de mens niet gebruik gemaakt van een dergelijk systeem? Blijkbaar is het evolutionair gunstiger, voor het voortbestaan van de soort, om de genen door te geven aan de volgende generatie en de doorgever te laten verdwijnen, i.e. sterfelijk te laten zijn. Misschien wordt de mens op latere leeftijd mentaal te inflexibel en zit hij te vast in zijn denkkader, waardoor het eenvoudiger is om over te gaan op een nieuw, fris denkend individu. Het doorgeven van de genen is dus blijkbaar de echte drijfveer en de menselijke generaties zijn het vehikel waarmee dit gebeurt.

Een ander voorbeeld van genetisch reproduceren kan gevonden worden bij o.a. de platworm, zeesterren, bloemdieren en veel ringwormen (Appendix 4.3 Verouderingsproces bij Platwormen), deze kunnen, wanneer er belangrijke organen van hun lichaam verdwenen zijn, deze organen weer regenereren zo dat het lijkt alsof dat zij eeuwig kunnen voortbestaan. In dit proces kunnen er ook genetische veranderingen plaats vinden, beïnvloed door eventuele veranderingen van het milieu.

Door dit regeneratieve systeem grondig te bestuderen zou de mens er misschien zijn voordeel mee kunnen doen om zo de levensduur van de mens te verlengen.

We laten hier maar even buiten beschouwing dat dit allerlei neven effecten geeft zoals overbevolking van de aarde en de vraag hoe hiermee om te gaan.